2 Ecologische waterkwaliteit in beeld

2.1 Kaderrichtlijn water

Als graadmeter voor de (ecologische) toestand in het gehele beheergebied is de hoeveelheid en soortensamenstelling van de aanwezige vegetatie (waterplanten) gebruikt. Dit vormt namelijk een goede maatstaf voor de ecologische toestand van een oppervlaktewater: waterplanten zijn een essentieel onderdeel van, en randvoorwaarde voor watergebonden leven als kleine waterdiertjes en vissen. De aanwezigheid van waterplanten is getoetst volgens de landelijke maatlatten voor sloten, kanalen en meren. De toetsresultaten zijn daarmee uitgedrukt in een EKR (ecologische kwaliteitsratio) score, conform de KRW-methodiek. Een score van 1 staat voor een maximaal haalbare ecologische kwaliteit en een score van 0 voor een slechte kwaliteit. In gebieden die zijn aangewezen als KRW waterlichaam wordt sinds 2006 ook de toestand van de andere drie biologische kwaliteitselementen (fytoplankton, macrofauna, en vissen) ook gevolgd.

In afbeelding 2.1 staat een score van 1 (voor de KRW en N2000 doelen) links verbeeld en een score van 0 rechts.

Ecologische doelen verbeeld; actuele en gewenste toestand Bovenste Blik. Tekeningen gemaakt door Annemoon van SteenEcologische doelen verbeeld; actuele en gewenste toestand Bovenste Blik. Tekeningen gemaakt door Annemoon van Steen

Figure 2.1: Ecologische doelen verbeeld; actuele en gewenste toestand Bovenste Blik. Tekeningen gemaakt door Annemoon van Steen

2.1.0.1 Kaarten toestand Overige waterflora

Het beheergebied van AGV is zeer divers en daarom opgedeeld in kleinere ecologische analysegebieden (EAG [Ecologische analysegebieden]), elk met een eigen bodemtype en waterhuishouding. In elk gebied is de hoeveelheid en soortensamenstelling van waterplanten op meerdere plaatsen gemeten en getoetst. De vegetatie wordt gemiddeld eens in de 3 jaar gemeten. In onderstaande afbeeldingen worden de berekende EKR scores per Ecologisch analysegebied op vegetatiemaatlat weergegeven.