6 Zij zagen niemand dan Jezus alleen.

Gemeente Datum
Rafael Rijswijk 2019-10-06
Mayaan Yeshua, Drachten 2019-10-12
EGM Nieuwegein 2019-11-10

Schriftlezing
Leviticus 23: 39vv
Deut. 18: 15

NBG 15 –Een profeet uit uw midden, uit uw broederen, zoals ik ben, zal de HERE, uw God, u verwekken; naar hem zult gij luisteren.-
NBV 15 –Hij zal in uw midden profeten laten opstaan, profeten zoals ik. Naar hen moet u luisteren.-

Maleachi 4: 4-6 (NBV 3: 22-24)

4 –Gedenkt de wet van Mozes, mijn knecht, die Ik hem op Horeb geboden heb voor gans Israel, inzettingen en verordeningen.- 5 –Zie, Ik zend u de profeet Elia, voordat de grote en geduchte dag des HEREN komt.- 6 –Hij zal het hart der vaderen terugvoeren tot de kinderen en het hart der kinderen tot hun vaderen, opdat Ik niet kome en het land treffe met de ban.-

Mattheüs 16: 24 - 17: 8

Preek
Taal is iets wonderlijks.
Waar denkt u aan als ik zeg: “oogjes dicht en snaveltjes toe” of “Houston, we have got a problem” of “oma’s aan de top” (“wat doen wij als het binnen regent, zet een emmer onder het gat”). Zinnetjes die op zich wel te begrijpen zijn, maar die voor degenen die meer achtergrond weten een veel diepere betekenis hebben, weten waarnaar verwezen wordt. Zo is dat ook met de taal van de bijbel, in het bijzonder ook in het nieuwe testament. De geschiedenissen zijn op zich mooi. Iemand die niets van de voorgeschiedenis weet en het NT gaat lezen, kan veel begrijpen, kan de Here Jezus leren kennen, kan vrede met God vinden en eeuwig leven ontvangen. Je hoeft niet veel van het oude testament te weten om de fundamenten van het geloof te aanvaarden: bekering, geloof, dopen, opleggen van handen, opstanding van doden, eeuwig oordeel. Wie meer in de bijbel gaat lezen, wie de hele bijbel gaat lezen, gaat steeds meer verbanden zien en komt tot de conclusie dat in de fundamentenkring “de helft mij nog niet was aangezegd” (waar komt die uitdrukking vandaan?). De verhalen en geschiedenissen in het NT verwijzen voortdurend naar wat in het OT geschreven staat. Vandaag neem ik u mee naar de geschiedenis die wij gelezen hebben en die bekend staat als de verheerlijking op de berg en wil daaruit een aantal verwijzingen naar voren halen, die hopelijk iets meer duidelijk maken van de diepte van deze geschiedenis.

Mattheus 17

NBG 1 –En zes dagen later nam Jezus Petrus en Jakobus en zijn broeder Johannes mede en Hij leidde hen een hoge berg op, in de eenzaamheid.-
NBV 1 Zes dagen later nam Jezus Petrus, Jakobus en diens broer Johannes met zich mee een hoge berg op, waar ze alleen waren.

Zes dagen na het voorgaande gedeelte over het volgen van Jezus, zelfverloochening en over het komen van de Mensenzoon, verwijzing naar profetie van Daniël; oproep om uit geloof te leven, niet vanuit wat de mensen van je denken, maar uit verwachting op de komst van de Mensenzoon.
Jezus gaat met drie metgezellen de berg op en wie de geschiedenissen van het OT kent denkt onwillekeurig aan Mozes die met drie metgezellen (Aaron, Nadab en Abihu) eens de berg opging (Exodus 24: 1, 9).

NBG 2 –En zijn gedaante veranderde voor hun ogen en zijn gelaat straalde gelijk de zon en zijn klederen werden wit als het licht.-
NBV 2 Voor hun ogen veranderde hij van gedaante, zijn gezicht straalde als de zon en zijn kleren werden wit als het licht.

Vgl. Exodus 34: 29vv; Mozes gezicht straalde als Hij met God gesproken had; kleren wit als het licht, zijn innerlijke heerlijkheid (doxa; Kavod) werd zichtbaar; vgl. Psalm 104: 2 “Hij hult Zich in het licht als in een mantel.”

3 NBG –En zie, hun verschenen Mozes en Elia, die met Hem spraken
NBV 3 Plotseling verschenen aan hen Mozes en Elia, die met Jezus in gesprek waren.

Mozes en Elia; namen die begrippen zijn voor wie het OT kennen; wet en profeten, Tora en Nebi’im; namen die een wereld aan betekenis meenemen voor wie in het Jodendom is opgegroeid; zij verschijnen aan Jezus en spreken met Hem; Mozes die geprofeteerd had over de komst van een profeet die God zou verwekken (Deut. 18: 15); Elia de voorloper (slot Maleachi). Je voelt dit is geen alledaags gesprek, het gaat je bevattingsvermogen te boven.
Van Lucas weten wij waarover zij spraken, nl. Zijn ‘exodus’ (uittocht) die Hij in Jeruzalem zou volbrengen/ vervullen/ vol maken. De woorden geven profetische lading aan de op handen zijnde gebeurtenissen in Jeruzalem.
Het woord ‘exodus’ brengt onze gedachten bij de uittocht van Israel uit Egypte. Jeruzalem is ook veel meer dan een plaats in Israel, het is de plaats die God verkozen heeft als de ene plaats van de offerdienst (in Deuteronomium is ca. 15x sprake van de plaats die de Here verkiezen zal, wat later Jeruzalem blijkt te zijn).

NBG 4 –Petrus antwoordde en zeide tot Jezus: Here, het is goed, dat wij hier zijn; indien Gij het wilt, zal ik hier drie tenten opslaan, voor U een, en voor Mozes een, en voor Elia een.
4 NBV Petrus nam het woord en zei tegen Jezus: ‘Heer, het is goed dat wij hier zijn. Als u wilt zal ik hier drie tenten opslaan, een voor u, een voor Mozes en een voor Elia.’

Petrus stelt voor drie tenten te maken; waar slaat dit op? Is Petrus de kluts kwijt?
De NBG vertaling van Lukas 9: 33 lijkt het te zeggen (>“… want hij wist niet wat hij zei.”); dat woordje ‘want’ is echter in de vertaling geslopen en staat niet in de tekst, er staat ‘niet wetend wat hij zegt’. Dit kan ook heel goed begrepen worden als ‘niet beseffende wat hij zegt’.
Of heeft Petrus hier, zonder het te beseffen, iets begrepen van wat gaande is. Wat zijn die tenten waar Petrus het over heeft? Het gaat om drie hutten/tabernakels. De tabernakel, plaats waar de Here God woont onder de mensen. Petrus heeft in de Mensenzoon de heerlijkheid van de God van Israël gezien die wonen wil onder de mensen. Zijn voorstel lijkt een verwijzing naar het loofhuttenfeest; loofhutten, die waren op de berg te realiseren. Intuïtief lijkt Petrus te begrijpen dat hier gebeurt, wat Jezus zes dagen eerder had gezegd: de Mensenzoon komt in Zijn Koninkrijk; het grote loofhuttenfeest is aangebroken.
Loofhutten is namelijk een feest met vele aspecten en één daarvan is het vooruit zien naar het moment dat de Here God zal wonen onder de mensen, Zijn tent/tabernakel/loofhut onder de mensen op zal slaan. Petrus wil meehelpen aan dit moment, het is echter nog niet het grote moment waar de hele schepping op wacht. Want eerst moet de Chistus, de Messias lijden, om in Zijn heerlijkheid in te gaan. Het is een voorproef, nog niet de definitieve doorbraak.

NBG 5 –Terwijl hij nog sprak, zie, daar overschaduwde hen een lichtende wolk, en zie, een stem uit de wolk zeide: Deze is mijn Zoon, de geliefde, in wie Ik mijn welbehagen heb; hoort naar Hem!-
NBV 5 Hij was nog niet uitgesproken, of de schaduw van een stralende wolk gleed over hen heen, en uit de wolk klonk een stem: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde. Luister naar hem!’

Petrus wordt onderbroken. Een wolk, verwijzing naar de aanwezigheid van de Here God onder Zijn volk in de woestijn, bij de inwijding van de tempel van Salomo, die overigens ook plaats vond op het Loofhuttenfeest. De wolk waarin de heerlijkheid van de Here is. Door de Joden aangeduid als de Shechina, een woord afgeleid van het werkwoord Shachan, wonen. De Shechina, in het Jodendom geworden tot een naam van God, die Zijn aanwezigheid, Zijn wonen onder de mensen aanduidt. Het is deze Shechina waarvan wij in de profeet Ezechiël horen dat hij de tempel en de stad Jeruzalem verlaat (H11) en waarvan wij hem horen profeteren dat Deze terug zal keren in de nieuwe tempel. En dat beeld speelt op de achtergrond bij wat wij hier lezen: een lichtende wolk overschaduwde hen. Wat is die lichende wolk anders dan de heerlijkheid van de Heer, God wonende onder de mensen, die terugkeert tot Zijn volk. En Hij keert terug tot Zijn volk in Zijn geliefde zoon, in Wie Hij Zijn welbehagen heeft, in Wie Hij vreugde vindt; van wie Hij zegt: luister naar Hem.
Dit zijn zorgvuldig gekozen woorden uit Mozes, Profeten en Geschriften Deut. 18: 15 Psalm 2: 7 klinkt erin door

NBG 7 –Ik wil gewagen van het besluit des HEREN: Hij sprak tot mij: Mijn zoon zijt gij; Ik heb u heden verwekt.-

Jesaja 42: 1

1 –Zie, mijn knecht, die Ik ondersteun; mijn uitverkorene, in wie Ik een welbehagen heb. Ik heb mijn Geest op hem gelegd: hij zal de volken het recht openbaren.-

Zo buitelen de grote thema’s uit het OT, de boeken van Mozes en de Profeten en de Geschriften (Psalm 104) door elkaar heen in deze schildering van het gebeuren op de berg; Loofhuttenfeest, de Here God die Zijn tent opslaat onder Zijn volk, Zijn heerlijkheid die terugkeert, de profetie van Mozes. Hier wordt geen systematische theologie geschreven, hier wordt geschilderd met woorden. Woorden die associaties oproepen voor wie met de boeken van het OT vertrouwd is.
Misschien duizelt het u, omdat u niet zo bekend bent in het OT. Dat is helemaal niet erg. Als je een schilderij bestudeert, hoef je niet alles te begrijpen wat de schilder erin heeft gelegd om de boodschap te begrijpen. De boodschap, de kernboodschap is duidelijk: Dit is Mijn Zoon, luister naar Hem.
Zo is het met de Schrift, de kern van de boodschap is voor ieder die horen wil te begrijpen, de diepte van de Schrift wordt in de wandel en omgang met de Here God en Zijn Woord stukje bij beetje duidelijker.

NBG 6 –Toen de discipelen dit hoorden, wierpen zij zich op hun aangezicht ter aarde en werden zeer bevreesd.-
7 –En Jezus kwam bij hen, raakte hen aan en zeide: Staat op en weest niet bevreesd.-

NBV Toen de leerlingen dit hoorden, wierpen ze zich neer en verborgen uit angst hun gezicht.
7 Jezus kwam dichterbij, raakte hen aan en zei: ‘Sta op, jullie hoeven niet bang te zijn.’

Heilig moment.
Belangrijk moment.Als wij de Schrift overdenken en de verbanden zien gaat het er steeds weer om, dat wij op dit moment uitkomen, dat wij niemand zien dan Jezus alleen. Zijn Persoon, Zijn leer, Zijn werk, is verankerd in de Schrift, is in overeenstemming met Mozes, de Geschriften en de Profeten. Het is mooi dat te zien, het is opbouwend voor ons geloof dat te overdenken, het verdiept ons kennen van Hem en ons vertrouwen/ geloof in Hem. Het mooiste moment van het overdenken van wat over Hem gezegd en geschreven is, is echter het moment dat dat alles weer aan ons oog ontrokken wordt en wij niets en niemand zien, dan Jezus alleen. Schitterender en stralender dan wij Hem ooit gekend hebben. Voedsel voor de ziel.

Bedenk wel: als er iets is waar de duisternis zijn pijlen op richt - en waar ik meen u vanmorgen i.h.b. voor te moeten waarschuwen - is het ons zicht te verduisteren op Hem van wie het aangezicht blinkt als de zon en van wie de kleren wit werden gelijk het licht. Blijf bij het getuigenis van de Schrift over Hem. Het beste verweer tegen deze pogingen van de satan is hanteren van het Woord, de Meester Zelf heeft ons dat geleerd.

Daarom sluit ik af met de woorden van die stem uit de hemel: Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb; luister naar Hem!
En met de wens dat U die momenten mag kennen, van niemand zien dan Jezus alleen.

Amen