3 Een volk dat alleen woont

Gemeente: De Bron, Bodegaven
Datum: zondag 2019-07-07

Titel van een boek van Els van Diggele. Vraag: over welk volk gaat dit?
Vraag: vanwaar (van waar) deze titel?
Wie heeft dit volk zo genoemd? (antw.: Bileam)

Numeri 22-24; de geschiedenis van koning Balak die Bileam huurt om het volk Israel te vervloeken
Vergelijkbare woorden horen wij veel later uit de mond van een andere Jodenhater, Haman (Esther 2: 8)1

De geschiedenis van Bileam is zo’n geschiedenis die resoneert door de bijbel; waar diverse keren naar verwezen wordt, tot in het boek Openbaring toe. Blijkbaar een leerzame geschiedenis. 2 Petrus 2: 15-16
Judas 1: 11 (‘verleiding van een Bileamsloon’)
Openbaring 2: 14-162

3.1 Numeri 22: 2-6

Achtergrond:

  • Sichon, koning van de Amorieten had een groot deel van het land van Moab veroverd. Deze Sichon en Og koning van Basan waren verslagen door Israël; Balak, koning van Moab vreest Israël, wil een oorlog voor zijn (waar Israël overigens helemaal niet op uit was, integendeel het volk was inmiddels Moab al ‘voorbij’ op weg naar Kanaän) en huurt na overleg met de oudsten van Midian (!) Bileam in, een broodprofeet uit Aram (Num. 23: 7) (Syrië); militair zag hij geen mogelijkheden tegenover degene die Sichon had verslagen (Sichon die Moab eerder had verslagen), door het volk via bezweringen/vervloekingen te verzwakken, dacht hij in een later stadium militair meer kans te hebben
  • Bileam, een “profeet” uit de volken, die in de hele geschiedenis vromer praat dan handelt; als je hem hoort praten ben je geneigd te denken dat dit een vroom en Godvrezend man is, zijn handelen is daarmee in tegenspraak, het oordeel van de bijbel is negatief over hem (o.a. in 2 Petr., Judas en in Op wordt hij in negatieve zin genoemd)

NBV heeft in vs 2 ‘hoorde’ in plaats van ‘zag’; een misser het werkwoord ‘zien’ loopt namelijk als een rode draad door deze hoofdstukken heen.,,,

Wat zie je als je Gods volk Israël ziet? Actueel thema.

  • velen zien alleen maar negatiefs in dit volk; ze beheersen de wereldeconomie, de banken, zitten achter alle aanslagen die plaats vinden; smeden het ene complot na het andere
  • anderen kunnen alleen maar vol bewondering kijken; zijn vol enthousiasme over de Joodse feesten, de Joodse bijbeluitleg, de Joodse politiek met Bibi als een soort van Messias (alsof de Joodse politiek niet tot op het bot verdeeld is)
  • een van de vreemde bijeeffecten van het laatste: geen plaats voor Joden die in Jezus als Messias geloven in ontmoetingen van Joden en christenen

Balak zag Israël, zag risico’s, zag geen militaire mogelijkheden en ….. raadpleegde Midjan.
Midjan; kennen wij uit de geschiedenis van Mozes; Joodse overlevering: de Midjanieten wisten dat de kracht van Mozes in zijn woorden lag; besloten wordt de strijd met het woord te voeren, militair lijkt kansloos.

vs 6; verwijst naar Gen. 12, maar dan wel een verdraaide versie; een eenrichtingsverkeer versie, wie door Bileam wordt gezegend, wordt gezegend, wie door hem wordt vervloekt, wordt vervloekt; de relatie in Genn. 12 is anders; het zet de zaak meteen op scherp; Bileams woorden moeten het niet van Mozes’ woorden winnen, maar van de woorden van de Eeuwige.
Let op hoe Bileam bekend stond; een broodprofeet die je kon inzetten als je een volk wilde bestrijden door de god van dat volk te manipuleren; afgoden en demonen mogen gevoelig zijn voor bezweringen en toverspreuken, de God van Israël hoort in dat rijtje goden niet thuis (een vergissing die wel vaak gemaakt werd en wordt); Bileam en Balak moeten dat hier nog leren.

3.2 Numeri 22: 7-slot (samengevat)

Eerste bezoek delegatie uit Moab en Midjan aan Bileam; Bileam raadpleegt God; God zegt, niet meegaan, want dat volk is gezegend; het is maar dat het even duidelijk is, wie de uitdeler van zegen is. Bileam laat het tegen de delegatie bij ‘geen toestemming mee te gaan, zonder het waarom te noemen.’ Balak ziet ruimte voor onderhandeling, stuurt een hogere delegatie; Bileam praat vroom, maar gaat het toch nog maar een keer vragen; linke onderneming, Gods wil vragen als je die al kent; er zijn zaken waarover je Zijn wil niet hoeft te vragen. God geeft toestemming om mee te gaan met daarbij alleen het woord dat Hij spreekt te doen. Het lijkt erop dat Bileam hier nog steeds denkt de God van Israël te kunnen beïnvloeden, nu weten wij uit de geschiedenis van Mozes dat dit ook wel kan, maar daar gaat het er steeds om dat het goede voor het volk wordt gezocht.
Zo gaat hij op weg op zijn ezelin (kon hij zich geen kameel veroorloven?).
Die ezelin is een trouw beest, die meer ziet dan de ziener; zo drijft de schrijver tussen de regels door de spot met Bileam.
H22 kun je samenvatten met twee vragen:
(1) wat zie je
(2) who is in charge; Bileams woord tegen het Woord van de Eeuwige.
De zaken staan op scherp.

3.3 Numeri 23: 1-10

Evert van der Poll: “eerst een offerfeest met veel muziek mogen wij aannemen, dan krijgt Bileam het woord. Eerst de zangdienst dan de spreker, het procedé kennen wij nog steeds.”
vs 4; God ontmoette Bileam; ging hem blijkbaar tegemoet.
vs 7-10; de eerste woorden die Bileam over Israël spreekt; het zijn woorden van zegen; het zijn de woorden over het volk dat alleen woont, een afgezonderd volk; dit zijn woorden van God over Zijn volk, zo ziet Hij dat volk; en de hele geschiedenis door blijft dit de waarheid; dit volk is door Hem afgezonderd, dat was geen eigen keuze; hier gaat het over uitverkiezing.

Balak nijdig en meent dat Bileams zicht niet goed is. Een hogere plek op de berg moet uitkomst geven, daar waar je het volk beter kunt zien. Weer het hele offerfeest.

3.4 Numeri 23: vs 18-24

Opnieuw woorden van zegen; geen onheil in Jakob …..
Degenen die de geschiedenis van de woestijnreis hebben gelezen, klapperen met hun oren. mara en Meriba, gouden kalf, opstand van Korach, Datan en Abiram, …. .
Hier wordt een volk door God rechtvaardig verklaard. Die Hij geroepen heeft, die heeft Hij ook gerechtvaardigd.3 Hier gaat het niet om verdienste van het volk, maar om hoe de Here Zijn volk ziet.

Het is er voor Balak niet beter op geworden; de woorden van Bileam hadden het volk moeten verzwakken, zodat hij het militair kon overwinnen. Met deze woorden wordt het tegenovergestelde bereikt.
Balak doet nog een poging, een andere plaats, misschien is het vanaf die plaats goed in Gods ogen om een vervloeking uit te spreken. En het ritueel begint voor de derde keer.

3.5 Num 24: 1-9

vs 1; Toen Bileam zag dat het in de ogen van de HEER goed was Israël te zegenen …. ; dat had even geduurd voordat deze ziener dat zag.
vs 1; niet langer (!) bezwering uit …..
vs 2; hij zag Israël ….;
profetische vergezichten, uitlopend op een teruggrijpen op Gen. 12.

Balak heeft er genoeg van en stuurt Bileam weg; die geeft nog een gratis toegift en een doorkijkje naar het einde der tijden en de rol van Gods volk daarin.

In de vier profetieën van Bileam kun je de hoofdlijn in de geschiedenis van Gods volk Israël zien:
- Israël in de woestijn (23: 7-10)
- de verovering van het land (23: 18-24)
- het Koninkrijk in zijn glorietijd (24: 3-9)
- het laatste der dagen (24: 17-24)

Zo hebben wij een mooie geschiedenis omtrent de vraag wat zie je als je Gods volk ziet? Zie je wat de wereld ziet? Zie je alles van Israël door een roze bril? Zie je Gods woorden en Zijn werk?
Zelfde vragen kun je stellen als je naar Zijn volk uit de volken, de gemeente, kijkt. In het bijzonder de plaatselijke gemeente die je thuis is.

Het zou zo mooi zijn als de geschiedenis van Bileam hier stopte. Echter er is nog H25, het door Bileam geadviseerde offerfeest met veel mooie vrouwen. En terwijl op de berg de mooiste woorden klonken, werd beneden in de woestijn het volk verleid door de vrouwen van Moab.
Een waarschuwing, zien van de woorden van de Eeuwige over Zijn volk, is geen garantie dat de levenspraktijk van dat volk daarmee in overeenstemming is. Steeds weer in de bijbel geldt dat Zijn liefdevolle en genadevolle woorden geen vrijbrief zijn erop los te leven.

Het is opvallend hoe gelovigen zich kunnen laten meenemen als het gaat om wat zich in de onzichtbare wereld afspeelt en de nieuwsgierigheid daarna en nadruk op geestelijke strijd in de onzichtbare wereld. Vergeet echter niet dat ons deel van de geestelijke strijd, waar wij voor verantwoordelijk zijn, zich allereerst afspeelt in de zichtbare wereld.
Voor bezweringen hoef je geen angst te hebben, voor Bileams die proberen de Here te manipuleren hoef je niet bang te zijn; wij worden opgeroepen op onze hoede te zijn voor onze eigen hartstochten die bevattelijk zijn voor de verleidingen van deze wereld, of dat nu geld, seks of macht is, want de status die wij ontvangen hebben, is geen vrijbrief erop los te leven. Het tegendeel is het geval.
Anders gezegd: onze eerste verantwoordelijkheid is niet de strijd aan te binden tegen geestelijke machten en overheden, onze verantwoordelijkheid is bij de Here Jezus te blijven, naar Zijn stem te luisteren. De veiligste plaats voor een gelovige, is namelijk dicht bij Hem te zijn.

Daarom: richt je oog toch op Jezus, ziet op naar Zijn heerlijk gelaat; al het aardse wordt toch zo wonderlijk vaag, als je zelf in Zijn glorielicht staat.

Amen

וַיַּ֥רְא בָּלָ֖ק בֶּן־צִפּ֑וֹר אֵ֛ת כָּל־אֲשֶׁר־עָשָׂ֥ה יִשְׂרָאֵ֖ל לָֽאֱמֹרִֽי׃ 22:3וַיָּ֨גָר מוֹאָ֜ב מִפְּנֵ֥י הָעָ֛ם מְאֹ֖ד כִּ֣י רַב־ה֑וּא וַיָּ֣קָץ מוֹאָ֔ב מִפְּנֵ֖י בְּנֵ֥י יִשְׂרָאֵֽל׃ 22:4וַיֹּ֨אמֶר מוֹאָ֜ב אֶל־זִקְנֵ֣י מִדְיָ֗ן עַתָּ֞ה יְלַחֲכ֤וּ הַקָּהָל֙ אֶת־כָּל־סְבִ֣יבֹתֵ֔ינוּ כִּלְחֹ֣ךְ הַשּׁ֔וֹר אֵ֖ת יֶ֣רֶק הַשָּׂדֶ֑ה וּבָלָ֧ק בֶּן־צִפּ֛וֹר מֶ֥לֶךְ לְמוֹאָ֖ב בָּעֵ֥ת הַהִֽוא׃ 22:5וַיִּשְׁלַ֨ח מַלְאָכִ֜ים אֶל־בִּלְעָ֣ם בֶּן־בְּע֗וֹר פְּ֠תוֹרָה אֲשֶׁ֧ר עַל־הַנָּהָ֛ר אֶ֥רֶץ בְּנֵי־עַמּ֖וֹ לִקְרֹא־ל֑וֹ לֵאמֹ֗ר הִ֠נֵּה עַ֣ם יָצָ֤א מִמִּצְרַ֙יִם֙ הִנֵּ֤ה כִסָּה֙ אֶת־עֵ֣ין הָאָ֔רֶץ וְה֥וּא יֹשֵׁ֖ב מִמֻּלִֽי׃


  1. 8 –Toen zeide Haman tot koning Ahasveros: Er is een volk, dat verstrooid en afgezonderd leeft onder de volken in al de gewesten van uw koninkrijk, en zijn wetten verschillen van die van alle volken, maar de wetten van de koning volbrengt het niet, zodat het de koning niet betaamt het met rust te laten.-

  2. 14 –Maar Ik heb enkele dingen tegen u: dat gij daar sommigen hebt, die vasthouden aan de leer van Bileam, die Balak leerde de kinderen Israels een strik te spannen, dat zij afgodenoffers zouden eten en hoereren.- 15 –Zo hebt ook gij sommigen, die op gelijke wijze aan de leer der Nikolaieten vasthouden. 16 –Bekeer u dan; maar zo niet, dan kom Ik spoedig tot u en Ik zal strijd tegen hen voeren met het zwaard mijns monds.

  3. Rom. 8: 30